Wacht niet tot iemand anders jouw talent benoemt en bepaalt of jij talent hebt.
Voor beginnend leidinggevenden is dit een valkuil waar je makkelijk in stapt. Zeker als je net start in je nieuwe rol. Je kijkt naar ervaren managers, naar functietitels, naar beoordelingen van anderen. En ongemerkt geef je daarmee de regie over jouw ontwikkeling uit handen.
Jezelf leren kennen
Terwijl leiderschap juist begint bij iets anders: jezelf leren kennen.
Het vertrouwen van één persoon kan alles veranderen, dat kan heel krachtig zijn. Iemand die iets in jou ziet wat je zelf nog niet ziet.
Mijn eerste leidinggevende deed dat bij mij. Hij benoemde mij om mijn kwaliteiten en vertelde me ook dat een coach kan helpen bij het begin dat best lastig kan zijn.
Een functietitel zegt niets. Er zijn genoeg mensen die zichzelf groter maken dan ze werkelijk zijn. Mooie functienamen, sterke LinkedIn-profielen, zelfverzekerde verhalen.
Maar zodra je doorvraagt naar leiderschap, verantwoordelijkheid, omgaan met mensen of moeilijke gesprekken, blijft het stil.
Hier betalen anderen de prijs voor.
👇
- Het team
- De organisatie
- De resultaten
- De sfeer
Leidinggeven draait niet om status, niet om een titel, niet om hoe indrukwekkend iets klinkt op papier. Leidinggeven draait om zelfkennis, om invloed. Om het vermogen anderen beter te laten functioneren.
Hier gaat het vaak mis. De meeste mensen kennen zichzelf minder goed dan ze denken
Hoe minder zelfkennis je hebt, hoe groter de kans dat je:
👇
- te lang blijft hangen in een rol die niet bij je past
- leiding gaat geven vanuit ego in plaats van vanuit kracht
- energie verliest zonder te begrijpen waarom
- jezelf overschat of juist onderschat
Als je begint met leidinggeven gebeurt dit sneller dan je denkt.
- Je bent druk met presteren.
- Met bewijzen dat je geschikt bent.
- Met verwachtingen van anderen.
Hierdoor vergeet je soms de belangrijkste vraag:
Past deze rol écht bij wie ik ben?
Dáár begint sterk leiderschap. Het begint niet bij harder werken. Het begint bij eerlijke reflectie.
Vraag jezelf eens af:
- Waar krijg ik energie van?
- Welke gesprekken geven mij voldoening?
- Wanneer voel ik dat ik echt van waarde ben?
- Welke taken kosten me structureel te veel energie?
- Wanneer kijken mensen vanzelf naar mij voor hulp of richting?
Dat zijn belangrijkere signalen.
Je kunt op papier perfect geschikt lijken voor een managementfunctie en er in de praktijk volledig in vastlopen.
En andersom geldt hetzelfde: iemand die zichzelf nog “te licht” vindt, kan precies de leider zijn die een team nodig heeft.
Talent is niet statisch, het verandert. Wat drie jaar geleden perfect bij je paste, kan nu leeg voelen. Wat ooit uitdagend was, kan routine zijn geworden.
Het is geen eindstation, het vraagt voortdurend eerlijk kijken naar jezelf.
Past de rol nog bij jou en ben je nog aan het groeien en jezelf en je team aan het ontwikkelen. Of past het niet meer en ga je een andere keus maken.
Krijg je nog energie van je werk, of loop je er op leeg en ga je moe naar huis.
Dit vraagt moed en volwassen leiderschap. Eerlijk durven kijken naar wie je bent, waar je goed in bent en waar je het verschil maakt. Zit je nog op de goede plek, óf maak je een andere keus.
Kun je daar hulp bij gebruiken? Lees en doe mijn boeken. 😊👇
Geef een reactie